NAP Process Industry Network

  1. Login
  2. Contact
  3. Google translate

Professorale overpeinzingen

Vanaf deze week werken we weer zoveel mogelijk thuis. Alleen het college op vrijdagochtend brengt mij naar Delft. Dit college is wat mij betreft altijd het hoogte punt van het jaar. Na in het eerste kwartaal van het academisch jaar met de studenten de standaard methodes voor projectmanagement besproken en uitgelegd te hebben, de theorie op basis van het eerste boek (Management of Engineering Projects – People are Key), gaan we het in het tweede kwartaal meer over de praktijk hebben.

De vraag aan de studenten is hoe kunnen we de projectmanagement activiteiten aanpassen aan de context, de weerbarstige dagelijkse praktijk. Na een inleiding gegeven te hebben tijdens de eerste dag van het college en de studenten hun opdracht duidelijk gemaakt te hebben, gaan we in de zes weken daarna luisteren naar 12 gastsprekers vanuit de industrie. Deze gastsprekers treden op in koppels van twee. Een projectmanager namens de opdrachtgever en een projectmanager namens de opdrachtnemer. De koppels representeren ruwweg de procesindustrie, de transportindustrie, de voedselindustrie, ICT, high-tech en scheepsbouw. De hoofdvraag voor de studenten is hoe ze “fit for purpose” projectmanagement zouden willen beschrijven op basis van de ervaringen van de gastsprekers. Is er verschil tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers, is er verschil tussen de sectoren, is het afhankelijk van type, omvang en complexiteit van het project? Er zijn vele mogelijkheden; aan hen de uitdaging om met een aanpak te komen.

Dit college geven we inmiddels voor de negende keer. Het afgelopen jaar is er ook een masterstudent afgestudeerd op dit onderwerp, “fit for purpose project management”. Deze student heeft de 120 artikelen die de studenten over de afgelopen 8 jaar hebben geproduceerd, geanalyseerd naast een grondige literatuurstudie. De meest opmerkelijke bevinding uit die analyse is dat over die periode de projectmanagers geleidelijk aan meer flexibiliteit in hun aanpak hebben toegelaten. Een meer adaptieve en flexibele werkwijze in de vroege fase van het project – de front-end development fase – is duidelijk waarneembaar door de jaren heen. Kijken waar de groepen dit jaar mee gaan komen.

Door de studenten wordt dit college altijd zeer gewaardeerd. Niet alleen krijgen ze te horen over echte projecten direct vanuit de praktijk, daarnaast hebben ze door de opzet van het college ook de mogelijkheid om als groepje van 6 met een van de gasten te praten en meer direct van hun ervaringen te leren. Een aantal van hen gebruikt dan ook deze mogelijkheid om contacten te leggen en zo mogelijk toekomstige afstudeerplekken zeker te stellen. Altijd een zeer intensieve maar levendige vrijdagochtend. En als kers op de taart, een van die colleges wordt traditioneel gegeven op locatie, een fieldtrip naar ASML in Veldhoven, met rondleiding langs de clean rooms. Een lange dag (van acht tot acht), maar zeker de moeite waard.

Tenslotte is er nog een heugelijk feit te melden. Afgelopen voorjaar heb ik een onderzoeksvoorstel ingediend bij het Project Management Institute (PMI). Zij maken iedere twee jaar fondsen beschikbaar om onderzoek te stimuleren op het gebied van projectmanagement. Ik heb voorgesteld om onderzoek te doen naar de invloed van diversiteit binnen het projectteam op de project prestaties. Dit voorstel is gehonoreerd met de maximale bijdrage van 50.000 US dollar. Te besteden binnen twee jaar vanaf 1 januari 2022. Dit onderwerp is met name interessant, omdat de beschikbare literatuur niet eenduidig is over deze invloed.  Meer diversiteit geeft meer creativiteit, maar meer diversiteit geeft ook meer conflicten. We gaan dit dus nader bestuderen. U hoort nog van ons.

Hans, NAP professor